Huishoudelijk reglement

Artikel 1 (Toelating van leden)
Artikel 2 (Opzegging, ontzetting en schorsing)
Artikel 3 (Voorzitter)
Artikel 4 (Secretaris)
Artikel 5 (Penningmeester)
Artikel 6 (Bestuursvergaderingen)
Artikel 7 (Einde bestuurslidmaatschap)
Artikel 8 (Commissies)
Artikel 9 (Kascommissie; tussentijds onderzoek)
Artikel 10 (Algemene Vergaderingen; agendapunten en voorstellen)
Artikel 11 (Algemene Vergaderingen; stemmingen)
Artikel 12 (Algemene Vergaderingen; orde)
Artikel 13 (Contributie)
Artikel 14 (Representatie)
Artikel 15 (Orgaan der vereniging)
Artikel 16 (Vergoedingen)
Artikel 17 (Introductie)
Artikel 18 (Onvoorziene gevallen)
Artikel 19 (Reglement Geschillen commissie)
Artikel 20 (Code van Ethiek voor bestuursleden)

Artikel 1 (Toelating van leden)

1. Zij die als lid, gezinslid of jeugdlid tot de vereniging willen toetreden, vermelden bij hun schriftelijke aanmelding hun naam, adres, postcode, woonplaats, geboortedatum, telefoonnummer, e-mailadres en eventuele kennelnaam. Bij een aanmelding als gezinslid wordt de naam van de partner vermeld.

2. Het bestuur overweegt het verzoek tot toelating.
3. De secretaris deelt het bestuursbesluit omtrent de toelating zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de betrokkene mee. In geval van niet-toelating worden daarbij de motieven meegedeeld, die het bestuur tot zijn beslissing hebben geleid. In geval van toelating wordt een exemplaar van de statuten en van dit huishoudelijk reglement bijgevoegd.
4. Indien de toelating door het bestuur wordt geweigerd, staat hiertegen binnen een maand na ontvangst van het bericht van weigering beroep op de Algemene Vergadering open zoals omschreven in artikel 8 lid 4 van de Statuten van de Bull Terrier Rasvereniging Nederland.

Artikel 2 (Opzegging, ontzetting en schorsing)

1. Indien het bestuur voornemens is, een besluit tot opzegging, ontzetting of schorsing te nemen als bedoeld in de artikelen 12, 13 of 14 van de statuten, dan stelt het bestuur het betrokken lid tijdig tevoren schriftelijk onder opgave van redenen van dit voornemen in kennis.

2. Het betrokken lid kan binnen een maand bij het bestuur een bezwaarschrift tegen het in het eerste lid bedoelde voornemen indienen.
3. Het lid wordt voorts mondeling door het bestuur gehoord, als dat in het bezwaarschrift wordt gevraagd. Het bestuur kan ook anderen horen alvorens te besluiten.
4. In spoedeisende gevallen kan het bestuur een besluit nemen voor de behandeling van het bezwaarschrift, doch niet dan nadat het betrokken lid is gehoord, dan wel de gelegenheid heeft gehad te worden gehoord dan wel diens visie schriftelijk in te dienen.

Artikel 3 (Voorzitter)

1. De voorzitter bevordert de behartiging van de belangen van en de goede gang van zaken in de vereniging.

2. Hij leidt, behoudens het bepaalde in artikel 37 der statuten, de Algemene Vergaderingen en de vergaderingen van het bestuur. Hij handhaaft in de vergaderingen de statuten en reglementen van de vereniging en houdt ook binnen de vergaderingen toezicht op deze handhaving.
3. Hij bepaalt de volgorde van behandeling van zaken ter vergadering, zolang de vergadering zelf daarover geen besluit neemt.
4. Hij handhaaft de orde in de vergadering.
5. Hij ondertekent samen met de secretaris de notulen van alle vergaderingen en de belangrijke uitgaande brieven.

Artikel 4 (Secretaris)

1. De secretaris voert de correspondentie van de vereniging, ondertekent alle uitgaande brieven en legt de belangrijke uitgaande brieven ter beoordeling en medeondertekening aan de voorzitter voor.

2. Hij maakt, behoudens het bepaalde in artikel 37 der statuten, de notulen van de Algemene Vergaderingen en van de bestuursvergaderingen. Hij zendt de notulen van een bestuursvergadering zo spoedig mogelijk na die vergadering in concept aan alle bestuursleden en agendeert de behandeling daarvan voor de eerstvolgende bestuursvergadering. Hij ondertekent de notulen na, eventueel gewijzigde, vaststelling samen met de voorzitter en neemt de eventueel door het bestuur aangebrachte wijzigingen tevens op in de notulen van de vergadering waarin tot deze wijzigingen werd besloten. De secretaris draagt er zorg voor dat de goedgekeurde notulen van de bestuurs-vergaderingen ter inzage voor de leden worden gepubliceerd op de website van de vereniging.
3. Hij draagt in overleg met de voorzitter zorg voor de opstelling van de agenda's en alle bijbehorende stukken voor de Algemene Vergaderingen en de bestuursvergaderingen en ziet toe op tijdige verzending daarvan.
4. Hij doet in iedere bestuursvergadering mededeling van alle ingekomen brieven. Aan het bestuur gerichte of voor het bestuur bestemde, maar bij andere bestuursleden ingekomen, brieven worden onverwijld door deze bestuursleden aan de secretaris doorgezonden.
5. Hij draagt zorg voor het bijhouden van een overzichtelijk archief, waarin naast alle inkomende en afschrift van alle uitgaande correspondentie en alle vergader-stukken en notulen ook alle overige voor de vereniging van belang zijnde stukken worden opgenomen.
6. Hij draagt zorg voor het voortdurend en nauwkeurig bijhouden van een Leden-register, waarin de namen, adressen en het soort lidmaatschap van alle leden zijn opgenomen.
7. Hij draagt er door registratie van de in een Algemene Vergadering aanwezige stemgerechtigde leden en door andere maatregelen zorg voor, dat bij eventuele stemmingen ieder aanwezig stemgerechtigd lid op zo doelmatig mogelijke wijze één stem kan uitbrengen.
8. Hij stelt het jaarverslag zo tijdig samen, dat dit na vaststelling door het bestuur overeenkomstig artikel 30 van de statuten kan worden uitgebracht.
9. Het bestuur kan besluiten dat een deel der werkzaamheden van de secretaris door een ander lid van het bestuur of, met toepassing van artikel 25 van de statuten en onder toezicht en verantwoordelijkheid van de secretaris, door een lid buiten het bestuur zal worden verricht volgens een werkverdeling die de goedkeuring van het bestuur behoeft.

Artikel 5 (Penningmeester)

1. De penningmeester ziet, behoudens het bepaalde in het zevende lid, toe op het doen van alle ontvangsten en uitgaven der vereniging. Hij zorgt voor een tijdige inning van de jaarlijkse contributie der leden.

2. De penningmeester behoeft voorafgaande toestemming van het bestuur voor het doen van uitgaven tot een hoger bedrag dan waartoe door het bestuur is bepaald.
3. De penningmeester is bevoegd, namens de vereniging bewijzen van ontvangst te ondertekenen. Hij kan deze bevoegdheid echter voor concreet omschreven ontvangsten tot ten hoogste een door het bestuur daartoe te bepalen bedrag delegeren aan de beheerder van een dagelijkse kas als bedoeld in het zevende lid.
4. De penningmeester houdt nauwkeurig boek van alle ontvangsten en uitgaven en van alle andere gegevens die van belang kunnen zijn voor de uitvoering van de artikelen 31 t/m 33 van de statuten.
5. Hij geeft tevens uitvoering aan artikel 33, derde lid, van de statuten.
6. Hij stelt de begroting, onderscheidenlijk de balans en de staat van baten en lasten zo tijdig samen, dat deze na vaststelling door het bestuur overeenkomstig de artikelen 29 en 32 van de statuten kunnen worden uitgebracht. In de begroting worden naast de ramingen voor het nieuwe jaar ook de ramingen voor het voorafgaande jaar en de uitkomsten van het laatst afgesloten jaar vermeld. In de staat van baten en lasten worden naast de uitkomsten van het betreffende jaar ook de ramingen voor dat jaar en de uitkomsten van het voorafgaande jaar vermeld.
7. Het bestuur kan bepalen, dat andere bestuursleden dan de penningmeester of leden van een door het bestuur ingestelde commissie bevoegd zijn tot het doen van ontvangsten en uitgaven tot ten hoogste een daartoe door het bestuur te bepalen bedrag, en belast zijn met het beheer van de daaruit voortvloeiende dagelijkse kas, een en ander voor zover dit direct verband houdt met hun specifieke bestuur- of commissietaak. Het saldo van een dergelijke kas mag niet meer bedragen dan een daartoe door het bestuur bepaald bedrag; het meerdere wordt onverwijld aan de penningmeester afgedragen. De beheerder van een dagelijkse kas is voor zijn beheer verantwoording schuldig aan de penningmeester. Hij houdt daartoe nauwkeurig boek van alle ontvangsten en uitgaven en van alle andere gegevens die de penningmeester noodzakelijk acht en verschaft de penningmeester daarvan een overzicht zo dikwijls deze dat verlangt. De penningmeester draagt er zorg voor, dat ook alle ontvangsten en uitgaven die door andere bestuursleden en commissieleden zijn gedaan, in de boeken der vereniging worden verantwoord.

Artikel 6 (Bestuursvergaderingen)

1. Het bestuur vergadert als de voorzitter of tenminste de helft van de andere zittende bestuursleden dit wenselijk acht.

2. De bestuursleden worden, spoedeisende gevallen uitgezonderd, twee weken tevoren van de door de voorzitter bepaalde dag, uur en plaats van de vergadering in kennis gesteld.
3. De agenda, vermeldende de te behandelen onderwerpen, en eventuele toelichtende stukken worden, spoedeisende gevallen uitgezonderd, zo tijdig aan alle bestuursleden toegezonden dat deze zich op verantwoorde wijze op de vergadering kunnen voorbereiden.
4. Indien het tweede en derde lid niet in acht zijn genomen of het betreffende onderwerp in de agenda niet duidelijk is omschreven, dan kan ter vergadering slechts een besluit worden genomen indien tenminste twee/derde van het aantal zitting hebbende bestuursleden aanwezig is en met het nemen van een besluit instemt. Over alle besluiten wordt zo nodig mondeling gestemd, nadat de voorzitter het voorstel waarover gestemd moet worden, duidelijk heeft geformuleerd. De volstrekte meerderheid is behaald indien tenminste één stem meer vóór dan tegen het voorstel is uitgebracht, waarbij blanco stemmen niet worden meegerekend.

Artikel 7 (Einde bestuurslidmaatschap)

Bij oplegging van een straf door het Tuchtcollege voor de Kynologie, waarbij een andere straf is opgelegd dan diskwalificatie van zijn persoon, de Algemene Vergadering kan bepalen, dat leden die door voornoemd college zijn veroordeeld, niet benoemd worden tot lid van het bestuur c.q. ontheven worden van hun functie als lid van het bestuur. Daarbij dient te worden aangegeven in welke gevallen, in casu bij welke opgelegde straffen alsmede welke verjaringstermijnen daarop van toepassing zijn, betrokkenen niet als bestuurslid kunnen worden benoemd. Ieder die ophoudt lid van het bestuur te zijn, is verplicht binnen twee weken na het einde van zijn bestuurslidmaatschap alle onder hem berustende verenigingsstukken en eigendommen van de vereniging behoorlijk geordend aan zijn opvolger of aan een ander daartoe door het bestuur aan te wijzen bestuurslid over te dragen. Het bestuur kan deze termijn verlengen.

1. Er is een rooster van aftreden voor het bestuur.
2. Ieder bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, waarbij onder een jaar wordt verstaan de periode tussen twee opeenvolgende jaarlijkse eerste Algemene Vergaderingen;
3. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester treden zo mogelijk af in verschillende jaren, maar in ieder geval niet gelijktijdig.
4. Zij die in een tussentijdse vacature zijn benoemd, nemen op het rooster de plaats van hun voorganger.
5. Volgens rooster aftredende bestuursleden kunnen terstond worden herbenoemd.

Artikel 8 (Commissies)

1. De leden van commissies als bedoeld in artikel 25 van de statuten worden door het bestuur benoemd. Zij kunnen te allen tijde door het bestuur worden geschorst en ontslagen.

2. Een door het bestuur ingestelde commissie kan te allen tijde door het bestuur worden opgeheven.
3. Voor elke commissie wordt een reglement gemaakt met daarin duidelijk omschreven de taak van de commissie en de taak van de commissieleden.

Artikel 9 (Kascommissie; tussentijds onderzoek)

1. De kascommissie is te allen tijde bevoegd, hetzij op verzoek van het bestuur hetzij uit eigen beweging, een tussentijds onderzoek in te stellen. Artikel 33, derde en vierde lid, der statuten is op een dergelijk tussentijds onderzoek van overeenkomstige toepassing.

2. Een tussentijds onderzoek wordt in ieder geval ingesteld wanneer een aftredend penningmeester de boekhouding en de kas en waarden aan zijn opvolger overdraagt.
3. De kascommissie brengt van een tussentijds onderzoek schriftelijk verslag aan het bestuur uit.

Artikel 10 (Algemene Vergaderingen; agendapunten en voorstellen)

1. De Algemene Vergadering kan geen besluiten nemen over een onderwerp, dat niet duidelijk in de agenda als te behandelen agendapunt is omschreven.

2. Van brieven die aan de Algemene Vergadering zijn gericht, wordt in de eerstvolgende Algemene Vergadering bij de behandeling van het agendapunt 'Ingekomen stukken' mededeling gedaan. Zij vormen geen onderwerp van beraadslaging indien zij niet afzonderlijk als te behandelen agendapunt op de agenda zijn vermeld of met een ander agendapunt verband houden, tenzij de vergadering anders besluit. De Algemene Vergadering kan echter ook in dat geval niet afwijken van het eerste lid.
3. Ieder lid kan ter vergadering over één agendapunt niet vaker dan twee maal het woord voeren, tenzij met toestemming van de voorzitter of van de vergadering.
4. Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering een voorstel van orde doen. Een dergelijk voorstel betreft de wijze van behandeling van de agenda of van een agendapunt.
5. Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering een duidelijk omschreven voorstel indienen betreffende een agendapunt dat aan de orde is. Het voorstel vormt slechts onderwerp van beraadslaging indien het door tenminste vier andere aanwezige stemgerechtigde leden wordt ondersteund.
6. Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering een amendement indienen. Amendementen met betrekking tot een voorstel tot statutenwijziging moeten echter tenminste een week voor de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. Een amendement behelst een duidelijk omschreven voorstel tot wijziging van een voorstel dat aan de orde is. Het amendement vormt slechts onderwerp van beraadslaging indien het door tenminste vier andere aanwezige stemgerechtigde leden wordt ondersteund.
7. Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering een motie indienen. Een motie behelst een duidelijk omschreven voorstel om een oordeel uit te spreken of een verzoek te doen. De motie vormt slechts onderwerp van beraadslaging indien deze door tenminste vier andere aanwezige stemgerechtigde leden wordt ondersteund. Een motie die niet betrekking heeft op een bepaald agendapunt, kan bij de rondvraag worden ingediend.
8. Indien in een aangenomen motie aan het bestuur gevraagd wordt iets te doen of na te laten, het nemen van besluiten daaronder begrepen, dan beraadt het bestuur zich in de eerstvolgende bestuursvergadering en maakt zijn genomen besluit zo spoedig mogelijk in het cluborgaan bekend. Indien het bestuur besluit aan de motie geen gevolg te geven, is het verplicht het onderwerp op de agenda voor de eerstvolgende Algemene Vergadering als te behandelen agendapunt te vermelden.

Artikel 11 (Algemene Vergaderingen; stemmingen)

1. Een in een Algemene Vergadering uitgebrachte stem is ongeldig, indien de keuze van het betreffende lid daaruit naar het oordeel van de voorzitter of, als een stembureau is gevormd, naar het oordeel van het stembureau niet duidelijk en ondubbelzinnig blijkt.

2. Een schriftelijke stemming is ongeldig, indien meer stemmen zijn uitgebracht dan er stemgerechtigde leden aanwezig zijn en het verschil op de uitslag van de stemming van invloed kan zijn.

Artikel 12 (Algemene Vergaderingen; orde)

De voorzitter kan aan een lid dat ter vergadering onfatsoenlijke taal gebruikt of zich op andere wijze misdraagt, na waarschuwing het recht ontnemen om bij het betreffende agendapunt of gedurende de gehele vergadering verder het woord te voeren. Bij herhaald wangedrag kan de voorzitter het lid het recht ontnemen de vergadering verder bij te wonen.

Artikel 13 (Contributie)

Nieuwe leden die na 1 juli als lid worden toegelaten, zijn over het lopende verenigingsjaar slechts de helft van de contributie verschuldigd. De contributie dient betaald te zijn voor 15 februari van het lopende verenigingsjaar; indien op deze datum geen betaling ontvangen is, zal het lidmaatschap van het betreffende lid per 15 februari worden geschorst. Indien betaling na aanschrijving van het bestuur niet voor 1 april is gedaan, zal het lidmaatschap door het bestuur worden opgezegd. Opzegging van het lidmaatschap door leden dient voor 1 december van het lopende verenigingsjaar schriftelijk te zijn gedaan. Is op deze datum geen opzegging ontvangen, dan wordt het lidmaatschap telkens voor een jaar verlengd.

Artikel 14 (Representatie)

De leden wekken tegenover derden niet de indruk dat zij de vereniging representeren, tenzij zij deel uitmaken van het bestuur of door het bestuur uitdrukkelijk tot representatie zijn gemachtigd.

Artikel 15 (Orgaan der vereniging)

1. Het bestuur bevordert, dat tenminste twee maal per jaar een cluborgaan als orgaan van de vereniging verschijnt.

2. Het bestuur kan op grond van artikel 25 van de statuten een redactiecommissie benoemen, bestaande uit een bestuurslid als gedelegeerde van het bestuur en tenminste twee leden die geen lid van het bestuur zijn. Het tweede lid van dat artikel is, behoudens het in dit artikel bepaalde, niet van toepassing.
3. Het bestuur bepaalt binnen de grenzen van de begroting de omvang en vormgeving van het cluborgaan na overleg met de redactiecommissie.
4. De redactiecommissie bepaalt de inhoud van het cluborgaan met inachtneming van het in dit artikel bepaalde. Zij beslist bij meerderheid van stemmen over de plaatsing van artikelen en andere bijdragen. Staken de stemmen, dan heeft het bestuur de beslissing om wel of niet over te gaan tot plaatsing.
5. Indien de plaatsing van een door een lid ingezonden bijdrage wordt geweigerd, dan wordt de kopij binnen twee maanden na inzending aan de inzender teruggezonden onder opgave van de reden van weigering. Indien het betrokken lid zich met deze weigering niet kan verenigen, dan kan hij zich ter zake schriftelijk tot het bestuur wenden. Het bestuur neemt zo mogelijk in zijn eerstvolgende vergadering een beslissing en deelt deze schriftelijk en gemotiveerd mee aan de inzender en aan de redactiecommissie. Indien het bestuur alsnog tot plaatsing besluit, is de redactiecommissie tot plaatsing verplicht. Zij kan echter onder verwijzing naar het bepaalde in dit lid tot uitdrukking brengen, dat plaatsing onder verantwoordelijkheid van het bestuur geschiedt.
6. In het cluborgaan worden in ieder geval vermeld, c.q. opgenomen;
a. de namen en adressen van de bestuursleden;
b. de door het bestuur ingestelde commissies en het correspondentieadres van deze commissies;
c. mededelingen van het bestuur en van de commissies;
7. Het advertentietarief wordt door het bestuur bepaald. Het bestuur beslist omtrent de plaatsing van advertentie.
8. Ook een website kan gezien worden als het club orgaan. Dit na goedkeuring van de Algemene Ledenvergadering.

Artikel 16 (Vergoedingen)

1. De leden van het bestuur genieten ten laste van de vereniging een vergoeding voor noodzakelijk gemaakte reis- en verblijfkosten, porti en telefoonkosten. Kosten van reizen tussen de eigen woonplaats en de vestigingsplaats van de vereniging worden echter niet vergoed.

2. De vergoeding voor reiskosten wordt gebaseerd op de kosten van openbaar vervoer, tenzij de reis doelmatiger per auto kan worden gemaakt, in welk geval per gereden kilometer een bedrag wordt vergoed, dat door de Algemene Vergadering wordt bepaald. De overige vergoedingen zijn gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten.
3. Het bestuur kan voor de te vergoeden verblijfkosten maxima bepalen. Voor meerdaagse reizen en voor reizen naar het buitenland is voorafgaande toestemming van het bestuur nodig.
4. De kosten moeten schriftelijk gedeclareerd worden in het jaar waarin zij zijn gemaakt. De penningmeester gaat niet tot uitbetaling over dan nadat de declaratie door de voorzitter of, als het de voorzitter zelf of een niet-bestuurslid betreft, door een ander daarvoor het meest in aanmerking komend bestuurslid voor akkoord is mede-ondertekend.
5. Het bestuur kan bepalen, dat dit artikel ook van toepassing is op leden van commissies en op anderen die ter uitvoering van een bestuursopdracht kosten hebben gemaakt.

Artikel 17 (Introductie)

Ieder lid kan met toestemming van de voorzitter één persoon introduceren bij bijeenkomsten en vergaderingen, tenzij het bestuur heeft bepaald dat voor een bepaalde bijeenkomst of vergadering introductie niet is toegestaan. Op introductie bij een Algemene Vergadering is echter uitsluitend artikel 36, tweede lid, der statuten van toepassing.

Artikel 18 (Onvoorziene gevallen)

In gevallen waarin de wet, de statuten en dit reglement niet voorzien, beslist het bestuur. Over zijn beslissing legt het bestuur verantwoording aan de Algemene Vergadering af.

Artikel 19 (Reglement Geschillen commissie)

1. Het bestuur kan een geschillencommissie benoemen, bestaande uit een voorzitter en twee leden, die geen lid van het bestuur zijn of van enige andere door het bestuur ingestelde commissie en als onpartijdig en onkreukbaar bekend staan. De voorzitter dient zo mogelijk daarenboven de hoedanigheid van meester in de rechten te bezitten. De voorkeur gaat uit naar personen die geen lid zijn van de vereniging, met een grote kennis en affiniteit met de kynologie in Nederland

2. Een benoeming als bedoeld in het eerste lid is pas van kracht, nadat deze door de Algemene Vergadering is bekrachtigd bij een met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit.
3. Leden van de geschillencommissie zijn niet gehouden aan een lidmaatschap bij de vereniging.
4. De leden van de geschillencommissie treden na drie jaar af. Zij kunnen terstond worden herbenoemd. Het lidmaatschap van de commissie eindigt voorts door overlijden of bedanken. De leden kunnen niet worden ontslagen. Het einde van het lidmaatschap van de vereniging heeft niet het einde van het lidmaatschap van de commissie tot gevolg.
5. De geschillencommissie is op schriftelijk verzoek van de meest gerede partij bevoegd kennis te nemen van alle geschillen tussen het bestuur en een of meer bestuursleden en tussen bestuursleden en/of leden onderling, indien door het voortbestaan van een dergelijk geschil de sfeer binnen de vereniging is verstoord of dreigt te worden verstoord, dan wel de goede gang van zaken binnen de vereniging anderszins wordt geschaad of dreigt te worden geschaad.
6. De Algemene Vergadering kan besluiten, dat de geschillencommissie voor de behandeling van toekomstige beroepen tegen een weigering van toelating als bedoeld in artikel 8, tegen een opzegging van het lidmaatschap als bedoeld in artikel 12, tegen een ontzetting uit het lidmaatschap als bedoeld in artikel 13 en tegen een schorsing als bedoeld in artikel 14, voor de Algemene Vergadering in de plaats treedt. De Algemene Vergadering kan een dergelijk besluit voor toekomstige beroepen ook weer intrekken.
7. De geschillencommissie doet in het geschil uitspraak na behoorlijk onderzoek en oproeping, althans schriftelijke raadpleging, van alle betrokkenen. Zij bepaalt verder zelf de loop van de procedure. De leden van de vereniging verstrekken aan de commissie alle door haar verlangde inlichtingen. De commissie kan, indien zij daaraan behoefte heeft, op kosten van de vereniging deskundigen raadplegen, mits de kosten in verhouding staan tot de zwaarte van het geschil en het bestuur hiervan vooraf op de hoogte is gesteld.
8. De schriftelijke uitspraak van de commissie wordt onverwijld aan het bestuur en aan alle betrokkenen toegezonden. Het bestuur en alle betrokkenen zijn verplicht, naar de uitspraken van de commissie te handelen.

Artikel 20 (Code van Ethiek voor bestuursleden)

Samengevat moeten alle bestuursleden:

· Alle relevante verplichtingen van wet- en regelgeving opvolgen overal waar de vereniging actief is;
· Iedereen eerlijk en gelijk behandelen: leden, bestuursleden en commissieleden, belanghebbenden in de vereniging en derden met wie de verenigingbetrekkingen heeft.
· Geen zaken van de vereniging bespreken in het openbaar, tenzij zij daartoe bevoegd zijn.
· Niet handelen op basis van, of anderen informeren over, vertrouwelijke informatie;
· De vertrouwelijke aard van de informatie waartoe zij toegang hebben ontzien en die informatie niet delen met anderen, tenzij die anderen de informatie nodig hebben;
· Altijd hun werk uitvoeren met het oog op de belangen van de vereniging.
· (De schijn van) belangenverstrengeling vermijden.
· Eerlijk zijn en integer handelen.
· Zorgvuldig omspringen met bezittingen van de vereniging, en noch die bezittingen noch de tijd van de vereniging gebruiken voor privédoeleinden
· Het recht van alle leden op eerlijke behandeling en gelijke kansen respecteren.
· Respectvol en professioneel blijven in de omgang met andere leden.
· Ervoor zorg dragen dat alle transacties eerlijk worden behandeld en nauwgezet worden vastgelegd.
· Inbreuken op deze Code rapporteren aan de Algemene Ledenvergadering.

Copyright Bull Terrier Rasvereniging Nederland © 2021. All Rights Reserved.
Opgericht 11 augustus 2010
Design harrywebdesign.